Financieel
Cost-of-charge
De prijs per kWh die een laadpaaleigenaar betaalt om de stroom in te kopen. Relevant bij berekening van netto-rendement op ERE: netto-winst = ERE-uitkering minus stroom-inkoopkosten. Range 2026: €0,20–€0,38/kWh afhankelijk van tarief en daluur.
De “cost-of-charge” is de onmisbare andere kant van de ERE-rekensom. Terwijl consumentenpublicaties vaak schrijven “je verdient €0,10/kWh aan ERE”, vergeten ze dat je die kWh eerst hebt ingekocht tegen €0,25–€0,35. Nettoresultaat is dan niet €0,10, maar (€0,10 − €0,30) = minus €0,20 per kWh. ERE is geen winst op laden, het is een compensatie voor een deel van de laadkosten.
Nederlandse stroomkosten Q1 2026 (indicatief)
- Plat contract, niet-dynamisch€0,28–€0,36/kWh inclusief belasting en heffingen.
- Dynamisch nachttarief€0,10–€0,18/kWh tussen 2 en 6 ‘s nachts, op dure momenten tot €0,50/kWh.
- Eigen PV-consumptiemarginale kost circa €0,05/kWh (afgeschreven paneel-investering).
Dat betekent: de netto-economie van ERE hangt zwaar af van je laadstrategie:
| Scenario | Inkoop | ERE | Netto/kWh |
|---|---|---|---|
| Plat tarief, altijd laden | €0,32 | €0,10 | −€0,22 |
| Dynamisch, ‘s nachts | €0,14 | €0,10 | −€0,04 |
| Eigen PV overdag | €0,05 | €0,10 (grid) / €0,20 (100%-renewable) | +€0,05 / +€0,15 |
Dus: ERE alleen maakt laden niet “gratis” of “winstgevend”; je moet slim laden om er financieel wat van te maken. De cost-of-charge is de dominante variabele, niet de ERE-uitkering.
Voor MKB en ZZP met zakelijke laadpaal is de cost-of-charge aftrekbaar als bedrijfskosten, ERE-opbrengst belastbaar; dat verschuift de economie. Voor particulieren spelen saldering (tot 2027) en dynamische tarieven de grote rol.